STICHTING HERDENKING OORLOGSSLACHTOFFERS BEEK    
Al bezoekers op deze site
 
MENU
Home

Liberation Route
Rondwandeling
Monumenten
Publicaties

In memoriam
     Ruth Bogen
     Jelle Nijhout
     Medie Franz

Beek 70 jaar geleden
Links & zoeken
Thema's
De Stichting
Contact
 
Rondwandeling
U kunt de brochure met de wandeling langs de Beekse oorlogsmonumenten hier downloaden. Om de benodigde Acrobat reader te verkrijgen (gratis) klikt u hier
 
Contact

De Stichting Herdenking Oorlogsslachtoffers Beek is te bereiken via de email of per post:
SHOB
Kasteel Genbroekstraat 3
6191 KT Beek

Zeventig Jaar Geleden

Zeventig Jaar Geleden

Misschien wel het belangrijkste feit uit de hele geschiedenis is het. In de tijd dat Europa werd overheerst door het nazi-regime van Adolf Hitler werden in ons deel van de wereld miljoenen mensen vermoord.  In de gaskamers van Auschwitz en Sobibor, bij de zelfgegraven gaten in Oekraïne en Litouwen, in de gruwelijke werkkampen in Polen en Duitsland, vonden miljoenen vrouwen en mannen, ouderen en zuigelingen, de dood. Zij waren ter dood veroordeeld omdat ze waren geboren als jood of als ‘zigeuner’. Deze gebeurtenis is ons bekend onder de naam Holocaust of ook wel Sjoa.

De Holocaust speelde zich af in heel Europa, van Noorwegen tot Kreta, en van Rome tot Riga. Hij ging Nederland niet voorbij; hij ging evenmin aan Beek voorbij.

.De gebeurtenis die in Beek de meeste slachtoffers eiste, speelde zich nu zeventig jaar geleden af. Op 16 mei 1944. Het betrof de arrestatie van negen leden van het Sinti-volk en hun deportatie via Westerbork en Auschwitz naar diverse werkkampen. Zes van de negen keerden nooit terug. Dit feit was voor de Stichting Herdenking Oorlogsslachtoffers Beek aanleiding om dit jaar bij de Dodenherdenking nadrukkelijk aandacht te vragen voor de discriminatie en vervolging van mensen die meestal worden aangeduid als ‘zigeuners’. De uitnodiging voor Dodenherdenking vindt u elders in dit blad. Hier vertellen wij u wat er op 16 mei 1944 in Beek gebeurde.

De vervolging van de joden en hun ‘verwijdering’  uit de Nederlandse samenleving was in 1944 vrijwel afgerond. Er leefden geen joden meer in vrijheid. De enige joden die nog in het land waren, zaten verborgen. De laatste deportatietreinen uit Westerbork waren gevuld met joden die op hun onderduikadres waren gearresteerd.

De nazi’s waren geobsedeerd door denken over ‘rassen’. Joden waren van een minderwaardig ras en moesten verdwijnen. Na het ‘oplossen van het joodse probleem’ kregen ‘zigeuners’, eveneens van een minderwaardig ras, de aandacht. Heinrich Himmler, de hoogste man van alle Duitse politie-instanties, besloot dat alle Europese zigeuners moesten worden gedeporteerd naar een aparte afdeling van het joodse vernietigingskamp Auschwitz, het ‘Zigeunerlager’. Op 14 mei 1944 werden alle Nederlandse burgemeesters in het geheim hierover ingelicht. Zij kregen een brief waarin hen werd opgedragen om in de nacht van 15 op 16 mei alle in hun gemeente woonachtige zigeuners door de Nederlandse politie te laten arresteren en over te brengen naar het kamp Westerbork. Dat moest allemaal gebeuren in het diepste geheim, zonder dat de slachtoffers en de omgeving daar tevoren iets van zouden merken.  Sommige burgemeesters deden of hun neus bloedde: “in mijn gemeente leven geen zigeuners”. Zo niet de Beekse burgemeester August Regout. Hij gaf twee van zijn politiemensen opdracht om op het voorgeschreven tijdstip tien in Beek wonende zigeuners in te rekenen en naar Westerbork te brengen.

De familie Franz bestond uit tien personen. Johann Franz en zijn gezin verdienden de kost met de handel in paarden, en met musiceren op feesten, kermissen en bruiloften. Ook gaf hij voorstellingen met zijn marionettentheater. De vrouwen gingen langs de deur met stoffen en manufacturen.  Franz was erin geslaagd om in januari 1944 vergunning te krijgen om zich met zijn luxe woonwagen te vestigen op een privé-terrein in Beek, aan de Stegen. In zijn wagen woonden negen mensen. De oudste zoon Mannela was getrouwd met een ‘Arische’ vrouw. Dit jonge echtpaar, dat twee kleine kinderen had, trok in Beek in bij de ouders van mevrouw Franz aan de Kloostersteeg. Zij konden gebruik maken van de kamers die waren verlaten door een familielid, Frits Linke. Deze had de Duitse nationaliteit, en was – na een korte diensttijd bij de Wehrmacht – gedeserteerd. Hij zat nu ondergedoken in een plaggenhut in de Peel bij Roggel, achter klooster Stokershorst.

Om vier uur in de nacht van 15 op 16 mei zetten de agenten het weitje aan de Stegen af met een rol prikkeldraad. Zij dwongen de negen uit hun slaap gestoorde mensen mee te gaan naar de marechausseekazerne in Beek. Daar werden zij geregistreerd.  

MonumentEen half uur na de arrestatie van het gezin in de woonwagen werd er op de deur gebonsd bij het huis van Mannela Franz aan de Kloostersteeg. De vrouw van Mannela, Agnes Franz-Lutgens, wist de agenten een paar momenten bij de deur aan de praat te houden, voldoende tijd om haar ook aanwezige zusje de kans te geven haar man, die sliep in de zolderkamer, te waarschuwen. Franz ontsnapte in nachtkleding via het zolderraampje. Met een geleende fiets en geleende kleren ging hij naar Roggel en vond daar de rest van de oorlog een veilig onderduikadres bij zijn hiervoor genoemde oom Frits Linke. Dit is een unieke situatie: een met de dood bedreigde zigeuner werd gered door een eveneens met de dood bedreigde Duitse deserteur. Overigens werd Linke na de bevrijding als Rijksduitser, en ex-militair, door de Nederlandse autoriteiten geïnterneerd te Sluis-Groede. Frits ervoer dit als onrechtvaardig en slaagde erin uit het kamp te ontsnappen.  
De negen arrestanten van de familie Franz werden onder geleide van de twee Beekse politiemensen per gewone lijnbus naar station Sittard gebracht. Van Sittard naar Zwolle zaten zij met hun bewakers in een gesloten wagon, die was gekoppeld achter een gewone personentrein. In Zwolle werd de wagon losgekoppeld, en aangehaakt aan een speciale trein naar Westerbork. Daar kwamen ook enkele andere zigeuners bij hen in de wagon.

Monument MauritskerkDe mensen uit Beek kwamen, met 236 andere ‘zigeuners’, in de trein die op 19 mei uit Westerbork vertrok naar Auschwitz. Alle Beekenaren werden daar ‘uitverkoren’ om te werken in Duitse wapenfabrieken. Zij waren jong en sterk. Daaraan is te danken dat drie van hen het laatste gruwelijke oorlogsjaar wisten te overleven. Zes anderen, de beide ouders en vier van hun kinderen, vonden de dood.

De namen van de zes slachtoffers staan op het oorlogsmonument bij de Martinuskerk. Op de plaats waar de woonwagen aan de Stegen heeft gestaan staat nu een mooi monumentje, gemaakt door de Beekse kunstenaar pater Math van Kampen. Het pandje aan de Kloostersteeg met het zolderraampje waaruit Mannela kon ontsnappen, kon gelukkig behouden blijven en maakt deel uit van een herdenkingswandeling die al door meer dan duizend mensen uit Beek en andere plaatsen is gelopen.

Herman van Rens

 

Stichting Herdenking Oorlogsslachtoffers Beek ©2005-2016
Thema landelijk

Het landeljk thema in 2016 is:

Vrijheid omarmd
 

 
Thema Beek

De Stichting Herdenking Oorlogsslachtoffers Beek organiseert jaarlijks de dodenherdenking in Beek.

In 2016 is het thema in Beek:

Jullie veiligheid zal ons een zorg zijn